This is My Story | Hans van Duuren

IMG_0864

Van huis uit ben ik, als jongste van drie kinderen, Christelijk opgevoed en opgegroeid in Apeldoorn. Als kind heb ik de nodige moeite gehad met autoriteit en dat zorgde op de basisschool voor de nodige aanvaringen. Toen ik naar de middelbare school ging, ging ik mij meer afzetten en dat zorgde thuis voor de nodige spanningen.
Mijn vader werkte bij de politie en het kwam nog wel eens voor dat mijn naam in de computer naar boven kwam. Over jongens als ik, zei hij altijd: “Als ik ze te pakken krijg, breek ik ze de beide benen”. Zover is het nooit gekomen, maar laat ik het zo zeggen, onze aanvaringen brachten meer dan alleen geestelijke littekens met zich mee.
Ik was altijd buiten en zag mijn vrienden als familie.
De middelbare school waar ik op zat was een strenge school, waar veelal jongeren op terechtkwamen die niet veel andere opties meer hadden. Een melange van alles wat de samenleving te bieden had.
Ik zorgde er altijd voor dat ik middelen had om mezelf te verdedigen en dat hield eigenlijk altijd in dat een mes op zak had. Bij ons op school werden die ook gebruikt en ik ben ook wel eens door een kamper tegen de muur gedrukt met een mes op mijn keel. “Ik ga je vermoorden” vertelde hij. Jaren later kwam ik hem weer tegen toen ik bij de lokale bank werkte en hij met zijn vriendin voor een lening kwam.
De jaren ’90 waren jaren waarin eigenlijk alles kon. Camera toezicht bestond nog niet, niemand had een mobiele telefoon, we liepen rond met walkmans, petjes en hoodies. We basketbalden een beetje en voelden ons heel wat. De straat was van ons.
De vriendengroep waarin ik zat, zou door een buitenstaander kunnen worden gezien als een jeugdbende, maar zelf bestempelden we onze streken meer als kattenkwaad. Die kattenkwaad zorgde wel voor serieuze problemen en bracht ons geregeld in contact met politie en justitie.

In de tussentijd heb ik God nooit losgelaten, maar wel weggestopt. Je voelt je schuldig, omdat je weet dat wat je doet niet goed is, maar je weet het meestal ergens nog te rechtvaardigen. Ik weet nog dat op de basisschool en de zondagschool nog wel zendeling wilde worden. Verhalen van Maarten Luther spraken je aan dat hij in noodweer uitriep dat als God hem daar levend uit zou halen, hij het klooster in zou gaan. Zelf was ik vreselijk bang voor onweer en toen wij op de basisschool in noodweer een avondvierdaagse liepen in de bossen rondom Apeldoorn en de bliksem om ons heen insloeg weet ik nog dat ik hetzelfde woorden heb uitgesproken naar God. Ik overleefde die avond.

Met mijn ouders mocht ik niet meer mee op vakantie, ik maakte altijd ruzie met mijn broer en werd op een kamp van een Christelijke organisatie gezet. Het verbaasde me dat er nog hele normale jongeren kwamen en dat ze zo zichzelf konden zijn. Zelf had ik daar nog moeite mee, ik wilde me toch stoerder voordoen dan ik was. Na die twee weken was het weer omschakelen en het leven weer oppakken zoals ik het gewend was.
Mijn leven werd steeds gekker en de contrast met de twee weken kamp per jaar werd steeds groter. Ik weet dat ik avonden zat te bidden dat God moest laten zien dat Hij bestond en dat Hij dan een uitweg moest geven. Ik kon niet alleen stoppen met de dingen die ik deed. Ik was ervan overtuigd dat mijn wereld zou instorten. Ik zou niemand overhouden en hoe moest ik stoppen met roken, blowen en drinken? Ik rookte in die tijd veel, ik werd elke ochtend wakker met zwarte klodders teer die ik ophoestte. Ik was elke avond dronken of stoned, ik had middelen nodig om te kunnen slapen, maar ook om nog emoties te kunnen tonen. Nuchter was je een lege huls, emoties waren afgestompt. Aan de andere kant kon je achtervolgingswaanzin krijgen op momenten dat je niet nuchter was.
Binnen mijn vriendengroep was het niet te verwachten dat ik hulp zou krijgen. Velen van ons hadden via justitie een omgangsverbod gekregen en zelfs dat bracht ons niet uit elkaar.
Ik weet nog goed, ik was 17 toen we op een avond in een coffeeshop zaten en er enkele gabbers binnenkwamen. Dat waren echt leeghoofden in onze beleving. Een vriend die naast me zat zei tegen me: “Die hebben ook geen doel in hun leven hè?” Ik antwoorde met nee.
Heb jij eigenlijk een doel in je leven, vroeg hij mij. Ik voelde mn hart in mijn keel kloppen en antwoorde dat ik eigenlijk wel in God geloofde.
Zijn antwoord verbaasde me, hij zei dat hij eigenlijk ook wel in God geloofde. Dit had ik nooit zien aankomen. Iemand in mijn eigen vriendengroep die ook in God geloofde, het was alsof iemand me met een hamer sloeg. Je hebt erom gevraagd, Ik geef het je.
Mijn vriend ging verder met zeggen dat we eigenlijk niet zo goed bezig waren en hij vond dat we er eigenlijk mee moesten stoppen. Hij vroeg vervolgens zullen we er samen mee stoppen? Wow, dit was precies waar ik God om gevraagd had. We zouden samen andere dingen gaan doen, de andere jongens mijden en ons onttrekken aan de groepsdruk om elke avond te verschijnen.
Ik zag hem vervolgens een week niet en was zwaar teleurgesteld, mijn leven ging eigenlijk gewoon door zoals voor ons gesprek.
Na een week verscheen hij weer en vertelde ons allemaal over Jezus. Hij keek mij aan en zei: “En jij dan Hans, ben jij al gestopt? We zouden toch samen stoppen?”
Het was echt werkelijk of God me wakker schudde en zei: “Je hebt me erom gevraagd, Ik geef het je!” Hij vroeg of ik de dag erna met hem mee ging naar de kerk en dat zegde ik toe. Ik weet nog goed dat ik die ochtend ging bidden en bij God aangaf dat ik het niet kon. Ik kon niet stoppen met de dingen die ik deed. Ik kon niet stoppen met roken, blowen en taggen. Ik kon mijn vrienden niet achterlaten, ik zou niemand overhouden.
Tijdens de kerkdienst werd er een woord van God uitgesproken en dat woord was; “Mijn zoon Ik heb je zeer lief en Ik zie je problemen. Ik wil dat jij je problemen bij Mij neerlegt en Ik weet dat jij dat niet in één keer kunt doen, dus Ik wil dat je het stap voor stap bij me neerlegt en dan kan Ik geven waar je zo naar verlangt, Mijn liefde voor jou“.
Ik wist niet wat er gebeurde, hier had ik diezelfde ochtend nog met God over gesproken. Ik viel op mijn knieën en moest huilen.
Daarna heb ik precies gedaan wat Hij me die dag heeft verteld. Ik heb één voor één de dingen bij Hem neergelegd en ben zonder veel moeite gestopt met roken en de andere dingen.

Samen met die vriend gingen we elke dag bidden en mensen sloten zich erbij aan. We begonnen een bidstondgroep op dinsdag of woensdag en die bleef maar groeien.
We hadden het idee dat we moesten groeien in leiderschap en kregen het verlangen om naar een bijbelschool te gaan. Hoe meer ik uit de bijbel ging lezen, hoe meer God tot me sprak. Het was allemaal zo persoonlijk.
In die tijd zat in het 1e jaar van mijn MBO opleiding en ik besprak met de Heer hoe dit verder moest. Ik had nog geen echte diploma. Mijn vriend was klaar met zijn MBO, maar ik zat in de worsteling of ik mijn opleiding moest afmaken of dat ik moest stoppen om naar een bijbelschool te gaan. Intussen gingen spreekbeurten over de Ichtus vis en werd ik steeds radicaler in mijn geloof. De woorden van de tijd van die avondvierdaagse vlogen door mijn hoofd en het feit dat God ons aan onze beloften houdt.
Maar uiteindelijk gaf God zelf de doorslag; Hij antwoorde me: “Hans, Ik sta boven diploma’s“.
Samen met die vriend ben ik naar de bijbelschool Vorming en Aktie gegaan, waar ik uiteindelijk ook Shakira heb leren kennen.
God heeft Zijn woord gehouden, misschien moest ik er uiteindelijk voor verhuizen, maar ook daar had Hij een plan mee. Hij heeft me altijd mooie banen gegeven zonder dat ik de gevraagde diploma’s kon overleggen. Jaren later kreeg ik bij mijn huidige werkgever de mogelijkheid om naast het werk te studeren en heb ik die kans gegrepen.

De relatie met mijn vader moest ook hersteld worden. Hij had veel moeite met de veranderingen in mijn leven en noemde me een Farizeeër, alsof ik niet oprecht was. Die woorden deden zeer, misschien wel meer zeer dan fysieke aanvaringen die we eerder hadden en naast de dingen die in de jaren daarvoor al waren gebeurd wist ik dat er nog genoeg strijd zou komen.

Mijn relatie met Shakira was moeilijk vanwege meer dingen dan alleen de afstand. Na een jaar werd er bij Shakira kanker geconstateerd en belande we in een nieuwe strijd. Alles heeft ons gevormd en gemaakt tot wie we nu zijn.
Ik wilde altijd bij Bureau Halt werken met probleem jongeren en jongeren die in de fout waren gegaan.
Hiervoor wilde in 2001 aan de 21+ toets deelnemen om de benodigde HBO studie Maatschappelijk Werk en Dienstverlening te kunnen volgen. Helaas werd Shakira toen ziek en kwamen onze prioriteiten anders te liggen. Ik kreeg een baan in de financiële sector, waar ik in bleef hangen. We trouwden en kregen kinderen.
Nu werk ik als Jongerencoach voor de gemeente Rotterdam, heb ik mijn droombaan en ben ik in staat om jongeren met meervoudige problematiek de mogelijkheid te geven om aan zichzelf te werken.
God is goed!